Home/Bijbelblog/Bijbelse seksualiteit?
17 januari 2019

Bijbelse seksualiteit?

Ongelooflijk hoe een uit de VS overgeplant fundamentalistisch manifest de gemoederen in Nederland tot een kookpunt bracht. Je zou bijna denken dat religie ertoe doet. Nu het stof langzaam daalt, kunnen we terugblikken. Recht in de leer en Bijbelgetrouw noemen de initiatiefnemers van de Nashville-verklaring zich. Maar hoe Bijbels zijn de door de verklaring verdedigde principes van seksualiteit en huwelijk eigenlijk?

 De massale verontwaardiging liet onder andere zien dat ook in het geseculariseerde Nederland besef doordringt dat er internationaal een sterke en strijdvaardige alliantie bestaat van heel diverse religieuze en politieke groepen. Ze zet in op “traditionele waarden” zoals huwelijk, gezin en volk, en trekt ten strijde tegen liberale waarden als autonomie, vrijheid, individualiteit en gelijkheid. In Oost-Europa en de VS is deze strijd al jaren gaande, nu pas heeft ze ook Nederland bereikt en wakker geschud. Acceptatie van homoseksualiteit wordt gezien als het vaandel van de liberale, seculiere, Westerse cultuur. Daarom richten alle pijlen zich daarop.

Alleen man en vrouw?

Voor Bijbelminnaars is het intussen smullen, zij het bitterzoet. Geen interview ging voorbij of er werd verwezen naar de Bijbel. In grote letters staat het in de Nashville-verklaring: het is “een gezamenlijke verklaring over Bijbelse seksualiteit”. Die Bijbelse seksualiteit wordt in een zin gevangen: “Wij bevestigen dat God het huwelijk heeft bedoeld als een levenslange verbondsrelatie tussen één man en één vrouw, waarbinnen seksualiteit een plaats heeft en waaruit kinderen kunnen voortkomen” (Artikel 1). De ondertekenaars komen op voor deze Bijbelse seksualiteit, die volgens hen 2000 jaar door de kerk zo verkondigd is. Het meest wordt in de discussie verwezen naar Gen 2:18-25. De kwestie die ik in deze blog wil aansnijden is: kunnen we met goed recht op basis van Gen 2:18-25 zeggen dat God seksualiteit bedoeld heeft als iets tussen man en vrouw, en dat de rechtmatige plaats daarvoor het huwelijk is? Ik geef geen laatste antwoorden, maar wil als met een tandsteenapparaatje wat aangekoekte resten lostrillen, zodat we meer voeling kunnen krijgen met het levend organisme van de tekst eronder.

Passende partner

Belangrijk is stap voor stap te lezen, en niet vanuit een vermeend eind (“God heeft het huwelijk ingesteld”) terug naar het begin. In het begin is er alleen ha-adam (ha is een lidwoord in het Hebreeuws), het aardwezen gemaakt van het stof van de adama, aarde. Deze ha-adam is niet man, en ook niet vrouw, geen eigennaam, maar een mens-wezen. Als levende ziel heeft ha-adam behoefte aan partnerschap. God boetseert de dieren uit het stof en ha-adam mag ze een naam geven en ook zeggen of er wel of niet een partner tussen zit. Keuzevrijheid voor ha-adam dus. Maar een passende partner is er tussen de dieren niet. Dan gaat de Schepper met de slapende adam aan de slag, en bouwt uit een rib (of zijde) ervan isja. We weten dat het van de grondstof van ha-adam gemaakt is, dus echt iets anders dan de dieren uit ha-adama. Het is een medemens.

23a En ha-adam zei: Dit, eindelijk, is been van mijn gebeente en vlees van mijn vlees.

Nu nog even niet verder lezen, maar hierbij blijven staan. Wie besluit dat dit schepsel gemaakt uit het lichaam van ha-adam de geschikte partner is? Het is ha-adam zelf en niemand anders. Net als eerder bij de dieren wordt het menselijk schepsel vrijgelaten in de keuze van een passende partner. De kreet van seksuele ontdekking “been van mijn gebeente, vlees van mijn vlees” komt van ha-adam. Het intense geraakt zijn door een medemenselijk wezen geeft de doorslag. Pas in tweede instantie komt de nadruk te liggen bij de gender en seksuele identiteit, als ha-adam zegt:

23b Deze zal vrouw (isja) genoemd worden want van man (isj) is dit genomen.

Er zijn dus twee accenten in het verhaal. Er is een proces: de ontdekking en identificatie van de seksuele partner, en er is een product: ha-adam benoemt verschillende genders. Nu heeft de kerk van het tweede accent (het product) het allerbelangrijkste accent gemaakt in haar theologie van seksualiteit. Seksualiteit zou alleen bedoeld zijn tussen man en vrouw omdat God het zo geschapen heeft. Maar wat als de kerk het eerste accent (het proces) belangrijker zou maken, door te erkennen dat God aan mensen het recht geeft om een bij hen passende partner te kiezen? Dan komt er van alles in beweging.

Dat het accent volledig is komen te liggen bij het “product”: twee genders en heteroseksualiteit als de norm, is een uitlegkorst die nodig losgetrild moet worden. Mensen hebben allereerst keuzevrijheid in het vinden van de bij hen passende partner. Het is het eerste echte mensenrecht volgens de Bijbel.

Liefde en seksualiteit

Dan komen we bij Gen 2:24: Daarom zal een man (isj) zijn vader en moeder verlaten en zijn vrouw (isja) aankleven en zij zullen een vlees worden.

Er komt een derde accent bij, en dat heeft te maken met de kracht van liefde en seksualiteit. In Bijbelse culturen is het de vrouw die haar familie verlaat en intrekt bij de familie van de man na het huwelijk. Maar hier is het de man die zijn familie verlaat! Dit verhaal gaat helemaal niet over het huwelijk maar over de enorme kracht van liefde en seksuele aantrekking door die ander die je helemaal uit je normale maatschappelijke baan brengt. De uitlegkorst hieromheen is zo mogelijk nog dikker dan bij het vorige. Veel kerkelijke leer stelt dat Gen 2:24 dé bewijsplaats is voor de goddelijke instelling van het huwelijk. Er wordt nog een schepje bovenop gedaan. Dan wordt de tekst van het “tot een vlees worden” verbonden met het “weest vruchtbaar” uit Gen 1:28. Traditionele rooms-katholieke seksuele moraal stelt dat daarom alleen penetratieve vaginale seks gevolgd door mannelijke ejaculatie geoorloofd is. Andere seksuele handelingen ook binnen het huwelijk zouden niet moreel zijn. Dat is een serieus probleem voor bijvoorbeeld oudere mensen, mannen met erectiestoornis, of mensen met een handicap. Maar de Bijbeltekst zelf laat volstrekt open uit welke erotisch lichamelijke handelingen het tot één vlees worden precies bestaat. 

Op basis van Gen 2:18-24 kunnen we over “Bijbelse seksualiteit” zeggen dat deze in de eerste plaats het recht erkent van ieder mens om de passende (seksuele) partner te identificeren, dat in de tweede plaats pas na het oplevende seksuele verlangen identiteiten worden benoemd van man of vrouw (niet door God maar door ha-adam, het is mensenwerk), en dat we in de derde plaats voor de fundering van het huwelijk als sociale of religieuze instelling niets te zoeken hebben in Genesis 2.

Met dank aan dr. Gerald West van het Ujamaa Centre for Contextual Bible Study, Pietermaritzburg, Zuid-Afrika

Rinse Reeling Brouwer gaat in zijn blog over bijbelse seksualiteit in op passages uit Romeinen.