Tussentijds rapport van project Grond roept veel interactie op
In maart 2026 presenteerde project Grond hun Terreinverkenning: een rapport waarin onderzoekers hun bevindingen over de huidige relatie tussen geloof en grond deelden. Twee maanden later ging het onderzoeksteam in gesprek met een aantal experts over het rapport. Het leverde een goed gesprek op, maar ook werd duidelijk dat onderzoek naar grond geen sinecure is. Het thema kan veel emotie oproepen en vraagt voortdurend om nuance en aanscherping.
Reflecties
Op 26 mei, op een buitengewoon warme dag, kwam het projectteam met zes experts bijeen om reacties op het tussentijdse rapport over het onderzoek naar geloof en grond te midden van de ecologische crisis te verzamelen en bespreken. Academici met verschillende achtergronden en een ecologische interesse, predikanten uit diverse contexten, maar ook mensen met expertise in de agrarische sector gaven waarderende én kritische reflecties op het rapport.
Verschillende stemmen
Daaruit bleek dat er in het project en de expertmeeting steeds verschillende stemmen te horen waren. Voor de ene expert deed de presentatie van boeren hen onvoldoende recht, terwijl een andere expert vroeg waarom het team niet kritischer op de boeren reageerde. Aan de ene kant was er ongemak over hoe het team Miskotte als bron gebruikte, en aan de andere kant werd er gevraagd of Miskotte niet ook gestereotypeerd wordt en meer erkenning verdient. Het gesprek riep ook de vraag op of het format van een synthetiserend rapport mogelijk de diversiteit van stemmen binnen het team zelf onzichtbaar maakt.
Liturgische studies
Sarah Johnson, Associate Professor in Liturgische studies en Pastorale theologie aan Saint Paul University in Ottawa (Canada), die gedurende twee maanden als research fellow aan de PThU verblijft, onder andere vanwege het project Grond, gaf aan dat het project goed past in de bredere ontwikkeling in de liturgische studies waarin veel aandacht is voor ecologische vraagstukken. Ook haar reflecties riepen de vraag op of een samenvattend rapport met een focus op meer onderliggende theologische vraagstukken het veldwerk en de mensen die we daar gesproken hebben, niet te veel abstraheert en naar de achtergrond schuift.
Rol van taal
Opvallend was dat een gesprek over een rapport dat een heel hoofdstuk besteedt aan de rol van taal in relatie tot grond, ook zelf beïnvloed werd door taal: de voertaal van de expert meeting was Engels, en ook hier werd het duidelijk hoe dat een gesprek tegelijkertijd moeilijker én gelijkwaardiger maakt. Een terugkerende reflectie was ook de subjectiviteit (of vermeende objectiviteit), zowel van de onderzoekers als de experts: taal is niet objectief.
Aan het eind van de middag, na een toast, konden teamleden en experts tevreden terugzien op een gesprek dat bij tijden intens was, maar rijk aan opbrengst voor de tweede helft van het onderzoeksproject.