Home/Bijbelblog/Geweldsteksten in de Bijbel: niet bespreekbaar?
Bronnen:

https://nos.nl/artikel/2300009-jawed-s-wilde-op-amsterdam-cs-oneerlijke-en-wrede-mensen-doden.html (d.d. 2 september 2019).

Nico ter Linden, Het verhaal gaat… 3: De verhalen van Richters en Koningen, Amsterdam: Uitgeverij Balans, 1999.

A. Roorda, Jozua, de held gods: eene practische verklaring van het boek Jozua , Kampen: Kok, 1913.

J.H. Kroeze, Het boek Jozua (Commentaar op het Oude Testament), Kampen: Kok, 1968.

P.A.H. de Boer (et al.), Zoals er gezegd is over de intocht (Jozua), (Phoenix Bijbelpockets, 7), Zeist: De Haan, 1963.

M.A. Beek, ‘Jozua 10:12-13 – Zondag 11 september’, Postille, jaargang 26 (1976-1977), p. 146.

L. Daniel Hawk, Joshua in 3-D: A Commentary on Biblical Conquest and Manifest Destiny, Eugene, Oregon: Cascade Books, 2010. 

Bijbelblog
Alex Brinkman
19 september 2019

Geweldsteksten in de Bijbel: niet bespreekbaar?

Afgelopen maandag 2 september is de rechtszaak tegen Jawed S. begonnen. Bij het grote publiek is hij beter bekend als de man die vorig jaar zomer op Amsterdam Centraal Station een aanslag pleegde. Hij stak twee nietsvermoedende Amerikaanse toeristen neer. In de rechtbank verklaarde hij dat de aanleiding een cartoonwedstrijd over de Koran was. Hij wilde wraak nemen op “oneerlijke en wrede mensen”. Ik zie hier een ziel die verblind is door een giftige mix van religie en ideologie. Hij is er van overtuigd dat zijn god opdracht geeft om te strijden tegen ongelovigen. Twee buitenstaanders, die niets met die wedstrijd te maken hebben, werden het slachtoffer.

De noodzaak tot reflectie

Wij worden in de 21ste eeuw nog altijd geconfronteerd met religieus gemotiveerd geweld. Dat roept vragen op, ook richting de christelijke traditie waar ik mij vertrouwd bij voel. In de Bijbel tref ik verhalen aan waar in opdracht van God geweld wordt gepleegd. In sommige verhalen heeft Hij daarin zelfs een actieve rol, God is daar een hemelse strijder. Al jarenlang ben ik door dit thema gefascineerd, vooral omdat ik een zekere stilte waarneem. Mijn persoonlijke ervaring is dat er weinig over deze teksten gesproken en gepreekt wordt. Deze verhalen zijn echter wel onderdeel van de christelijke traditie. Ik ben van mening dat wij daarom met elkaar over deze teksten na moeten denken.

Het beeld van God als een hemelse strijder

Eén van deze verhalen uit het Bijbelboek Jozua staat centraal in mijn MA-thesis. In deze column wil ik enkele aandachtsvelden en conclusies met de lezer delen. De intocht in het Beloofde Land ging er volgens de beschrijving uit het Bijbelboek Jozua niet zachtzinnig aan toe. In Jozua 10 komt het tot een climax. Een coalitie van vijf koningen trekt ten strijde tegen de Gibeonieten, bondgenoten van Israël.

Jozua trekt er vervolgens op uit om zijn bondgenoot te beschermen. Na een nacht marcheren valt hij met zijn leger deze coalitie aan. God vecht mee aan de zijde van Zijn volk. Hij zaait paniek, waardoor de vijand vlucht. Vervolgens werpt Hij vanuit de hemel hagelstenen op hen, daar vallen veel doden bij. Ook laat God de zon en de maan stilstaan aan de hemel, zo lang als nodig was om de vijand te verslaan. Dit alles is te lezen in de verzen 1-15. Hier houdt het geweld niet op. De gevluchte koningen worden nadat zij gevonden waren standrechtelijk geëxecuteerd (Joz. 10: 16-27). In de weken daarna wordt heel zuidelijk Israël veroverd. Wij lezen dat zes steden tot de grond toe afbranden, de inwoners worden gedood (Joz. 10: 28-43). Het is allesbehalve een gemakkelijke tekst en het geeft stof tot nadenken.

Verstaat gij wat gij leest?

In mijn onderzoek staat de vraag centraal hoe men dit verhaal las in de 20ste eeuw in de Nederlands Hervormde Kerk (NHK), de Gereformeerde Kerk in Nederland (GKN) en de Evangelisch Lutherse Kerk (ELK). Deze kerkgemeenschappen zijn in 2004 gefuseerd tot de Protestantse Kerk in Nederland (PKN). Speciale aandacht gaat in het onderzoek uit naar de prediking van deze tekst. In het eerste hoofddeel doe ik onderzoek naar twintig commentaren op Jozua. Elke auteur brengt een visie in en geeft uitleg bij dit tiende hoofdstuk. Ik zal kort enkele visies noemen zodat de lezer een idee heeft hoe deze tekst geïnterpreteerd kan worden. De vrijzinnige dominee Nico ter Linden zag het verhaal als een voorbeeld van de strijd tussen goed en kwaad. Een eeuw geleden zag de gereformeerde dominee A. Roorda het volk Israël als verwijzing naar de Kerk. Er is maar sprake van één soort strijd en dat is het gevecht tegen ons eigen ongeloof. Weer andere schrijvers, zoals de gereformeerde J.H. Kroeze, willen verklaringen geven voor de wonderbaarlijke gebeurtenissen. Een hervormd theoloog als P.A.H. de Boer stelt de vraag of de landinname uit het Bijbelboek Jozua gebruikt mag worden om de huidige staat Israël te rechtvaardigen. Dat zijn enkele voorbeelden. Er zijn meerdere interpretaties voorhanden om Jozua 10 te begrijpen en uit te leggen. Middelen te over voor predikanten om inspiratie vandaan te halen zou je zeggen.

Zwijgen in alle talen

Maar nu komt het: opmerkelijk genoeg wordt er over Jozua 10 amper gepreekt! In het tweede hoofddeel van mijn thesis doe ik uitgebreid onderzoek naar prekenseries, preekschetsen en   leesroosters. Al met al heb ik ruim 5.000 preken bekeken, nog eens ruim 5.000 preekschetsen en bijna 30 jaar aan leesroosters. Tussen al deze bronnen heb ik slechts één preekschets van de vroegere VU-hoogleraar M.A. Beek († 1987) over Jozua 10 gevonden. Dat is figuurlijk een speld in een hooiberg. Maar nu wordt het helemaal mooi: het bleek dat de auteur uiteindelijk niet over deze tekst gepreekt heeft! In het slotwoord schrijft hij namelijk: “De auteur van deze schetsen heeft over de besproken gedeelten in Jozua nooit gepreekt en zal het waarschijnlijk ook niet meer doen. Hij staat voor de moeilijkheid geen eigen gemeente hebben, zodat het hem niet mogelijk is een bijbelboek in volgorde zondag na zondag te behandelen.” 

Ik was met stomheid geslagen. Ik geef toe dat Jozua 10 geen gemakkelijk verhaal is, maar het is wel een heel beeldend verhaal. Om die reden had ik op voorhand toch wel verwacht enkele preken aan te treffen.

Hoe komt dit nu?

Geen resultaat is echter ook een resultaat. Ik kan meerdere verklaringen geven waarom dit verhaal niet bepreekt wordt. Zo zal het voor zich spreken dat kerkgangers verwachten dat er over Jezus wordt gepreekt, de Zoon van God. Als Kerk zijn wij tenslotte Zijn volgelingen. De luisteraar zoekt houvast bij Hem, bijvoorbeeld door Zijn onderwijs of Zijn troostende woorden. Een groot deel van het kerkelijk jaar is dan ook gevuld rond belangrijke momenten uit Jezus’ leven. Kerst, Pasen en Hemelvaart: deze feesten en de voorbereiding ernaar toe draaien rond Hem. Dat zijn voor zover de voor de hand liggende verklaringen. Maar ik laat in mijn thesis ook zien dat theologische voorkeuren een grote rol spelen. Ik ontdekte dat gereformeerde predikanten veel vaker uit Rechters preken. Dat zijn allemaal verhalen over personages die een proces van inkeer doormaken, een thema dat naadloos aansluit bij deze traditie. De idee binnen de gereformeerde theologie is dat de mens bekeerd moet worden. De Rechters zijn hier perfecte voorbeelden van, aan hen zien de gelovigen dat bekering mogelijk is. Hervormde predikanten hebben dan weer een duidelijke voorkeur voor Jozua 1 en 24. In deze hoofdstukken doet God mooie beloften aan het hele volk Israël zolang zij Hem gehoorzamen. Deze manier van theologisch denken kan rechtstreeks aan de Kerkorde van 1951 gekoppeld worden. Hierin komt namelijk het ideaal om kerk te zijn voor heel het volk tot uitdrukking.

Hoe nu verder?

Deze conclusies laten bij mij toch een wat onbevredigend gevoel achter. Kunnen wij vandaag de dag echt niet meer met deze tekst uit de voeten? Hoe verhoud ik mij als predikant in opleiding tot dit verhaal? Als een gemeentelid tegen deze tekst aanloopt, kan ik dan woorden en ruimte in mijzelf vinden om met die persoon hierover in gesprek te gaan? Ik wil deze column afsluiten met een prikkelende visie van de Amerikaanse theoloog L. Daniel Hawk. Hij is van mening dat in het boek Jozua twee stemmen zijn te onderscheiden. Aan de ene kant is er een dominante stem die generaliseert. De situatie is die van ‘wij’ tegen ‘zij’, Israëliet tegen Kanaäniet. Het is duidelijk wie de good guys en de bad guys zijn. Hawk laat zien dat er ook een tegenstem is, al is die niet zo duidelijk waarneembaar. De tegenstem laat zien dat de werkelijkheid niet zo zwart-wit is. Er zijn inderdaad vijandige Kanaänieten, denk maar aan de vijf koningen uit Jozua 10. Maar er zijn ook goede mensen, groepen die migranten zoals het volk Israël welkom heten. Dat zijn onder andere de Gibeonieten.

Dit idee van de tegenstem helpt mij in ieder geval verder. Ik raak er langzaam van overtuigd dat hier een behulpzame invalshoek ligt voor een preek. Want zo kan ik in de rol van prediker laten zien dat alle mensen schepselen van God zijn. De prediker kan laten zien dat niet hele bevolkingsgroepen over één kam geschoren moeten worden. Er zitten altijd goede mensen én rotte appels tussen. Maar de prediker kan zo ook laten zien dat God aan de kant van het goede staat. Als het er echt op aankomt, dan beschermt Hij degenen die Hem het hardste nodig hebben. Zo kan zelfs een tekst als Jozua 10 uiteindelijk te bepreken zijn.

Alex Brinkman volgt de Master Gemeentepredikant aan de Protestantse Theologische Universiteit in Amsterdam. Zijn interessegebieden zijn Oude Testament en de politieke en religieuze geschiedenis van het Oude Nabije Oosten (1ste millennium voor Christus). Hij zit momenteel in het laatste studiejaar en loopt stage in de Protestantste Gemeente Leusden.