Home/PAO/Studiereizen/Blogs studiereizen/Blog Indra en Karl 28 oktober.rtd

Een kushandje van Krishna

Aan alle goede dingen komt een einde. In dit geval een bruisend slot. Het einde van onze studiereis viel toevallig (“God willing” zeggen ze in India) samen met een indrukwekkend interfaith-festival. Drie keer per jaar organiseert het Henry Martyn Institute in Hyderabad een feest voor de verschillende religieuze groepen in de stad. Het Suikerfeest, Diwali en Kerst worden aangegrepen om gul als God zelf de schoonheid te vieren van het samen mens-zijn. 

Op de laatste avond van ons programma werd er in de tuin van het instituut Diwali gevierd met de diverse samenwerkingspartners van het HMI. Ook wij waren uitgenodigd. Diwali is een belangrijk hindoefeest dat de strijd van het licht tegen het duister verbeeldt. Groep na groep betrad het podium om zich van zijn beste kant te laten zien. Een van de hoogtepunten was een classical dance van drie prachtig geklede jonge vrouwen, die badend in licht een verhaal uit het leven van Krishna presenteerden. De Indiase godheid werd gespeeld door een wit geschminkt jongetje. Als kind schijnt Krishna nogal ondeugend te zijn geweest. Hij liet zich op het podium dan ook moeilijk fotograferen. Later kwam ik Krishna tegen in de tuin en legde zijn oogverblindende verschijning vast in bovenstaand portret.

Paradoxaal India

Veel indruk maakten ook de Sikhs, die gekleed als heilige krijgers op het feest verschenen. Zij vertoonden op het toneel hun martial arts. Hoewel ze alles behalve agressief zijn dragen ze een zwaard. Weerbaarheid is belangrijk in hun tolerante spiritualiteit van universele liefde. Een merkwaardige paradox, die me doet denken aan de tv-serie Kungfu, die me als kind liet kennismaken met de wereld van spiritualiteit en wijsheid. David Carradine speelt in deze serie een Shaolin-monnik die zwervend door het Wilde Westen wordt getergd door allerlei gespuis. Alleen in uiterste nood dient hij hen fysiek van repliek – maar dan ook superieur. Als ik mijn vrouw Indra, met wie ik deze reis maak, mag geloven, dan zegt deze onverwachte combinatie veel over de geest van India. De Indiërs zijn trots op de dapperheid die de Shiks toonden bij de verdediging van hun land in moeilijke tijden en bewonderen die paradoxale eenheid van fysieke en spirituele kracht. India is volgens haar een land dat zowel geest als lichaam liefheeft. Het boeddhisme benadrukt te eenzijdig de geestelijke kant (zeg maar: de kloosterkant van de kerk). Ja, misschien is een vergelijking met het katholicisme wel verhelderend. Antoine Bodar zei daar prachtige dingen over op prime time televisie. Hij verweet Pauw en Witteman dat ze het katholicisme niet begrepen. “De Kerk”, zei hij, “kent ideaal en werkelijkheid. Rome bewaakt de regels. Maar de Kerk laat ook ruimte voor het leven, de realiteit van alledag. Beide hebben recht van spreken.”

Hoofddoekjes en kushandjes

Terug naar dat geweldige eindfeest. Namens de islam sprak Abdul Karim, docent Arabisch aan het HMI. Op eigen wijze belichtte hij het feest van Diwali door te zeggen dat God zelf het licht is. Hij zei dat hij niet aanwezig was omdat het moest, maar uit overtuiging. Hindoes en moslims zijn buren, en met buren deel je lief en leed, dus ook je feesten. Hij was niet alleen. Achter ons zat een aantal vrouwen met hoofddoekjes. Ze moesten lachen dat hun kind een kushandje stuurde toen een van ons naar hen zwaaide. We konden het niet laten om het tafereel te filmen, wat hier in India vrijwel nooit een probleem is. De moeder vroeg zelfs of we het filmpje wilden opsturen en gaf ons haar e-mailadres.

Mosterdzaad

Ondertussen ging op het podium het feest gewoon door. De “Dutch pastors” waren aan de beurt. Een select gezelschap uit ons midden zette een vlijmscherpe parodie op de planken van onze pogingen om het geheim van India te ontrafelen. Ze maakten furore als interfaith counselors die zelfs door het Witte Huis werden geraadpleegd en de wereld wilden “bekeren” tot de interfaith dialogue (wat natuurlijk helemaal niet de bedoeling is). Het cabaret werd omlijst door een onder leiding van Theo ingestudeerd lied. We hadden dit lijflied van Kerk in Actie al eerder gezongen in de devotion, een ochtendritueel waarmee op het HMI de dag begint. De tekst – “We share our faith, we share our hope” – is veelzeggend. Het lied koppelt het delen van geloof aan het verhaal van de vijf broden en de twee vissen. De dialoog met andere religies blijkt vaak fragiel en op weinig of niets gebaseerd. Maar zoals Nico het treffend formuleerde in onze allerlaatste devotion: “Ook het bijbels scheppingsverhaal begon met niets … Wees nooit bang om met niets te beginnen.” Dat lijkt een belangrijke wijsheid. Misschien is interfaith wel gewoon als mosterdzaad, dat volgens Jezus het geheim van het koninkrijk verbeeldt. Je moet er oog voor hebben. Laten we daarom vooral op de bloemen letten en niet op het onkruid. Want onkruid is er genoeg. Overal en altijd. In alle religies en ideologieën. 

Geschreven door Indra Nathoe & Karl van Klaveren, predikant in Den Haag

Klik hier voor het fotoalbum van deze blog.